Nederlandse bedrijven negeren mensenrechtenschendingen voor transitiemineralen
Amsterdam, 3 juni 2026 - Nederlandse bedrijven handelen voor onze noodzakelijke energietransitie in destructief geproduceerde mineralen en Nederlandse banken en pensioenfondsen maken onrecht mogelijk. In vier minerale mijnbouwlanden tekent zich een duidelijk patroon af van vervuiling, schendingen van mensenrechten en gendergerelateerd geweld.
Dat blijkt uit een onderzoek naar Nederlandse handels- en geldstromen in transitiemineralen, verricht door Profundo in opdracht van ActionAid Nederland en Milieudefensie.
Om gevaarlijke klimaatverandering te stoppen is de energietransitie essentieel. Voor die transitie zijn grondstoffen zoals koper en lithium, mangaan en nikkel nodig. Maar bedrijven blijven investeren in mijnbouw die gepaard gaat met vervuiling en uitbuiting. Dat is onacceptabel, de energietransitie moet schoon en eerlijk, vinden ActionAid Nederland en Milieudefensie.
Onderzoek in vier landen
Profundo onderzocht de banden van Nederlandse bedrijven, banken en pensioenfondsen met de winning van negen transitiemineralen. Dit onderzoek richt zich op vier mijnbouwgebieden die belangrijk zijn voor de Nederlandse energietransitie:
- Lithium van de zoutvlakte Salar del Hombre Muerto in Argentinië
- Mangaan uit het Kalahari Manganese Field in Zuid-Afrika
- Nikkel van Weda Bay Industrial Park in Indonesië
- Aluminium uit de Juruti-mijnen van Alcoa in Brazilië
Uit de handels- en geldstromen blijkt dat het Nederlandse Vitol (een grote energie- en grondstoffenhandelaar) en het in Nederland gevestigde Stellantis (een grote autoproducent) banden hebben met mijnbouwbedrijven die drinkwaterbronnen hebben vergiftigd, rivieren en landbouwgronden hebben vervuild en de lokale voedselvoorziening hebben vernietigd. Omwonenden die recht hebben op compensatie, bescherming en inspraak worden genegeerd.
Geldstromen naar destructieve mijnbouw
Ook troffen de onderzoekers grote geldstromen aan naar deze destructieve mijnbouwbedrijven, die toegerekend kunnen worden aan ING, Rabobank en ABN Amro, pensioenfondsen ABP (voor ambtenaren) en PFZW (voor zorg en welzijn). De handel met en investeringen in deze mijnbouwbedrijven verhoudt zich slecht met de internationale regels en richtlijnen voor verantwoord ondernemen. Met deze handel in transitiemineralen volgen Stellantis, ABN AMRO en PFZW niet eens hun eigen beleid.
Directeur Anna Timmerman van ActionAid Nederland: ”Ons onderzoek maakt helder dat strengere wetgeving nodig is om Nederlandse bedrijven te dwingen mensenrechten, milieu en vrouwenrechten te respecteren. Vrouwen en meisjes worden rond expansieve mijnbouwprojecten extra hard getroffen door toegenomen gendergerelateerd geweld en ongelijkheid."
Vrouwen staan vooraan in het verzet
Vrouwen en meisjes betalen de hoogste prijs voor de Nederlandse mineralenhonger. Ze worden niet geraadpleegd als er beslissingen vallen over de mijnbouwprojecten in hun leefomgeving. Zij en hun families zijn zeer afhankelijk van het land en de waterbronnen die worden vervuild, en door ziektes en vervuiling nemen hun zorgtaken toe, legt program director Fatima Vally van Women Affected by Mining United in Action (WAMUA) uit: "En dat pikken ze niet langer. In Zuid-Afrika staan daarom vrouwen vooraan in het lokale verzet tegen de mangaanmijn”.
Transparantie ontbreekt
Bedrijven hebben nu al de plicht om geen producten te kopen of te financieren waarvoor mensenrechten zijn geschonden. Maar de transparantie in mijnbouwketens schiet structureel tekort vanwege de complex vervlochten financiële constructies en handelsrelaties. Het is ingewikkeld om inzicht te krijgen in de geldstromen en handelsketens.
Anti-wegkijkwet invoeren
“Bedrijven moeten orde op zaken stellen in hun eigen keten. We zien dat ze dat niet doen. Het is onacceptabel dat ze zich niet aan de internationale wetgeving houden. Het is dus ook tijd dat het kabinet deze bedrijven én hun financiers aan banden legt en transparantie afdwingt ", zegt Anouk Strijd van Milieudefensie. "Het kabinet moet de uitgeholde Europese anti-wegkijkwet (CSDDD) in elk geval in Nederlandse regelgeving herstellen."